De hersenen (plurale tantum), ook wel het brein genoemd, zijn onderdeel van het centrale zenuwstelsel. Ze bevinden zich binnenin de schedel en worden omgeven door bindweefselvliezen, de hersenvliezen, die zorgen voor bescherming. De hersenen zijn een complex orgaan. Ze zijn opgebouwd uit vele miljarden zenuwcellen (neuronen) die elk in verbinding staan met een groot aantal andere verbindingen. De hersenen bestaan uit grijze en witte stof. De grijze stof bestaat uit de cellichamen en dendrieten van de neuronen. In de witte stof (myeline) zitten de uitlopers van de neuronen (axonen) die elektrische impulsen geleiden. Myeline beschermt de axonen en zorgt dat de impulsen sneller kunnen worden doorgegeven.

Menselijke hersenen wegen ongeveer 1 tot 1,5 kg. en bestaan uit 3 grote delen.

Grote hersenen of cerebrum: de grote hersenen omvatten het grootste deel van de hersenen. De buitenste laag van de hersenen wordt de hersenschors genoemd. Binnenin de grote hersenen bevindt zich het hersenvocht. Het hersenvocht (liquor cerebrospinalis) is een waterige vloeistof die zich in en om de hersenen bevindt. Het hersenvocht circuleert tussen de lagen van de hersenvliezen en door de holtes in de hersenen. Het hersenvocht heeft een belangrijke rol als schokdemper. De grote hersenen verwerken de impulsen afkomstig uit de zenuwcellen en reguleren de beweging van het lichaam. Cognitieve en emotionele processen zoals logisch redeneren, planning, geheugen en emotie worden hier geregeld.

Kleine hersenen of cerebellum: de kleine hersenen bevinden zich onder de grote hersenen en nemen ongeveer 10 procent van het totale hersenvolume in. De kleine hersenen staan in voor de coördinatie van bewegingen e voor het bewaren van het evenwicht. Ook zorgt dit deel voor de fijne afstelling tussen waarneming en beweging.

Hersenstam of truncus cerebri: de hersenstam verbindt de grote hersenen met de kleine hersenen en het ruggenmerg. Het bestuurt belangrijke lichaamsfuncties zoals temperatuur, hartslag, ademhaling en bloeddruk. De hersenstam is ook verantwoordelijk voor zeer belangrijke basisfuncties om te overleven zoals regulatie slaap-waakcyclus, plassen, kauwen en slikken en de vorming van speeksel.

De hersenen kunnen tot slot opgedeeld worden in 2 helften, een linker- en rechterhersenhelft. Anatomisch gezien zijn beide helften gelijk maar ze hebben een verschillende functionaliteit. De linkerhersenhelft is verantwoordelijk voor logica en rationaliteit terwijl de rechterhersenhelft eerder instaat voor creativiteit en gevoel.

 

Het geheugen en cognitieve veroudering

Cognitieve veroudering wijst op verandering in cognitieve functies (zoals concentratie of geheugen) tijdens de periode tussen volwassenheid en ouderdom. Het geheugen bevindt zich onderin de hersenen en bestaat uit meerdere onderdelen:

Het zintuigelijke of sensorische geheugen: een verlenging van de zintuigen. Het duurt maar enkele seconden.

Kortetermijngeheugen of werkgeheugen: het geheugen voor informatie die op dit moment en voor korte tijd wordt onthouden. Het heeft een kleine capaciteit.

Langetermijngeheugen of procedureel geheugen: het geheugen voor informatie die permanent in de hersenen is opgeslagen. Het heeft een zeer grote capaciteit. Ook kennis en vaardigheden worden tot het langetermijngeheugen gerekend.

Episodische geheugen: het geheugen voor gebeurtenissen die in het verleden hebben plaatsgevonden. Samen met het semantische geheugen wordt het gerekend tot het declaratieve of expliciete geheugen. Episodisch geheugen wordt sterk beïnvloed door onze eigen levensgeschiedenis.

Procedureel geheugen: een vorm van niet-declaratieve of impliciete geheugen. Het heeft zowel betrekking op het leren van motorische vaardigheden (zoals leren fietsen) als het leren van cognitieve vaardigheden (zoals het leren lezen).

Naarmate we ouder worden, neemt het geheugen af. Dit geldt zowel voor het werkgeheugen en het episodische geheugen. Vooral het onthouden van nieuwe informatie (feiten of gebeurtenissen) wordt lastiger. De hersenen hebben meer tijd nodig om informatie te verwerken of op te nemen. Het procedurele geheugen blijft daarentegen vrijwel intact bij het ouder worden.

 

Cognitieve veroudering kan verschillende oorzaken hebben

  • Verlies aan neurale connectiviteit (verminderde prikkeloverdracht tussen de cellen)
  • Verandering in de witte stof (myeline)
  • Afname van de neurotransmitters zoals dopamine en acetylcholine (een neurotransmitter die vooral betrokken is bij de impulsoverdracht van zenuwcellen naar skeletspiercellen)
  • Verminderde bloedtoevoer in de bloedvaten van de hersenen
  • Neurale inflammatie
  • Hoe houdt je de hersenen gezond

    De basis van het behoud van gezonde hersenen is bescherming en onderhoud.